Sommige apparaten gebruiken elke dag stroom, ook als je ze niet actief bedient. Vooral oude toestellen, apparaten met een verwarmingselement en apparaten die altijd aangesloten blijven, kunnen het energieverbruik in huis flink verhogen.
Je stroomverbruik hangt af van twee factoren: het vermogen in watt en de gebruiksduur. De basisformule is: verbruik in kilowattuur = vermogen in kilowatt × gebruiksduur in uren. Een apparaat van 1.000 watt dat één uur werkt, verbruikt ongeveer 1 kilowattuur.
Een koelkast werkt bijvoorbeeld niet voortdurend op vol vermogen. Een boiler of wasdroger kan tijdens een verwarmingsprogramma wel lang veel stroom vragen. Ook koelkasten, vriezers en elektrische verwarming behoren vaak tot de grotere verbruikers. Het echte verbruik hangt onder meer af van het energielabel, de leeftijd, de inhoud, de temperatuur en je gebruik.
Sluipverbruik speelt ook een rol. Een televisie, spelcomputer, computer, printer, modemrouter of oplader kan in stand-by of slaapstand stroom blijven gebruiken. Met een energiemeter of slimme stekker meet je het actuele vermogen. Zo bereken je eenvoudig het verbruik per dag, maand of jaar.
Kijk daarom niet alleen naar het vermogen op het typeplaatje. Meet eerst welke apparaten opvallend veel gebruiken en pak daarna de grootste besparingen aan. Controleer daarbij ook de betrouwbaarheid van apparaten. Zo richt je je aandacht niet alleen op kleine stand-byverbruikers, terwijl een oude droger of boiler veel meer invloed heeft op je energierekening.
Welke apparaten hebben een hoog energieverbruik apparaten?
Sommige apparaten gebruiken veel stroom door hun vermogen. Andere apparaten verbruiken veel door hun lange gebruiksduur. Vooral koelkasten, vriezers, wasdrogers, boilers en oudere wasmachines verdienen aandacht.
Verwarming en koeling behoren tot de grootste energieverbruikers in huis. Slimme thermostaten en sensoren kunnen de temperatuur en luchtkwaliteit volgen. Zo draait een systeem alleen wanneer dat nodig is. Lees meer over automatische klimaatregeling.
Oude koelkasten en vriezers
Een koelkast en vriezer staan 24 uur per dag aan. Het vermogen op één moment lijkt vaak laag. Door de lange looptijd kan het jaarlijkse verbruik toch flink oplopen.
Oude modellen hebben vaak minder goede isolatie. Hun compressor werkt meestal minder efficiënt dan die van een modern apparaat. Een versleten deurrubber, veel ijsvorming en een beperkte luchtstroom verhogen het verbruik verder.
Een warme omgeving vraagt meer koelenergie. Zet een koelkast of vriezer niet naast een radiator, oven of vaatwasser. Vermijd een plek met direct zonlicht. Houd de koelkast rond 4 °C en stel de vriezer meestal in op ongeveer −18 °C. Een lagere temperatuur is zelden nodig.
- Controleer de deurrubbers op scheuren en vuil.
- Verwijder ijsvorming op tijd.
- Houd ventilatieroosters vrij.
- Laat warme gerechten eerst afkoelen.
Vergelijk bij vervanging het energielabel en het jaarlijkse verbruik in kilowattuur. Kijk niet alleen naar de aankoopprijs. De gebruikskosten tijdens de hele levensduur tellen zwaar mee.
Een extra koelkast of vriezer in de berging kan ongemerkt veel stroom gebruiken. Dat geldt vooral voor een apparaat dat slechts deels gevuld is. Schakel een ongebruikt apparaat uit. Laat de deur op een kier om geurtjes en schimmel te voorkomen.
Wasdrogers en wasmachines
Een wasdroger vraagt veel energie om water uit kleding te verwijderen. Een volle trommel en een goed centrifugeprogramma beperken de droogtijd. Maak het pluizenfilter na elke beurt schoon. Een verstopt filter belemmert de luchtstroom en maakt het programma langer.
Wasmachines gebruiken vooral stroom voor het verwarmen van water. Een programma op 30 of 40 °C vraagt minder energie dan een hete was. Draai pas wanneer de trommel voldoende gevuld is, maar stop deze niet te vol. De motor moet anders harder werken.
Elektrische boilers en close-in boilers
Een elektrische boiler houdt voortdurend een voorraad water warm. Dat kost energie, zelfs wanneer je tijdelijk geen warm water gebruikt. Een close-in boiler onder de gootsteen werkt volgens hetzelfde principe op kleinere schaal.
Stel de temperatuur niet hoger in dan nodig. Beperk lang warmwatergebruik en controleer de isolatie van leidingen en het voorraadvat. Een timer kan helpen om het verwarmen af te stemmen op je dagelijkse ritme.
Welke apparaten verbruiken stroom in stand-by?
Een apparaat staat in stand-by wanneer het niet volledig is uitgeschakeld. Een sensor voor de afstandsbediening, klok, netwerkverbinding of snelstartfunctie blijft actief. Het apparaat lijkt uit te staan, maar vraagt nog steeds stroom.
Veel apparaten gebruiken deze ruststand. Denk aan televisies, soundbars, spelcomputers, digitale ontvangers en printers. Computers, monitors, koffiezetapparaten en magnetrons kunnen in deze stand blijven verbruiken.
Een laadstation, slimme lamp of ander smart-homeapparaat staat vaak voortdurend onder spanning. Eén apparaat vraagt meestal weinig stroom. Meerdere apparaten kunnen samen dag en nacht energie gebruiken. Vooral entertainmentapparatuur en een thuiskantoor tellen snel op.
Een modemrouter blijft vaak bewust aan. Zo behoud je een internetverbinding voor wifi, beveiligingscamera’s en slimme apparaten. Controleer eerst welke functies je nodig hebt voordat je de stroom uitschakelt.
Gebruik een stekkerdoos met aan-uitknop voor je televisie, decoder, spelcomputer en geluidsinstallatie. Schakel de groep uit wanneer je deze apparaten langere tijd niet gebruikt.
Een slimme stekker of timer kan helpen bij apparaten die veilig opnieuw opstarten. Schakel systemen die gegevens opslaan niet zomaar uit. Een computer, netwerkopslag of ander verbonden systeem kan beschadigde bestanden krijgen.
Een losse oplader verbruikt bij moderne modellen meestal maar weinig energie. Haal laders toch uit het stopcontact als je ze niet gebruikt. Dat voorkomt onnodig gebruik en beperkte warmteontwikkeling.
Met een energiemeter meet je het echte stand-byverbruik. Zo zie je welke apparaten invloed hebben op je energierekening.
Stand-by is een zichtbare ruststand. Sluipverbruik kan breder zijn. Adapters, voedingen en systemen kunnen op de achtergrond actief blijven, zelfs wanneer je geen duidelijk lampje ziet.
Hoe verlaag je het stroomverbruik van apparaten in huis?
Begin met een overzicht van alle apparaten in huis. Noteer welke toestellen altijd aanstaan, warmte of kou produceren en dagelijks worden gebruikt. Meet opvallende verbruikers met een energiemeter, zoals de koelkast, vriezer, boiler, wasdroger, televisie en computer. Vergelijk de uitkomst met het energielabel of de handleiding.
Pak eerst apparaten aan met een hoog vermogen of een lange gebruiksduur. Schakel stand-by volledig uit met een stekkerdoos met schakelaar. Gebruik bij de wasmachine, vaatwasser en droger een eco-programma en draai alleen volle ladingen. Laat kleding waar mogelijk aan de lucht drogen en verwarm bij het koken alleen de hoeveelheid water die je nodig hebt.
Onderhoud helpt het energieverbruik laag te houden. Ontdooi de vriezer, maak filters schoon en houd ventilatieroosters vrij van stof. Kies bij vervanging voor een zuinig model en vergelijk het jaarverbruik, de aankoopprijs, levensduur en reparatiekosten. Ook een efficiënt verwarmingssysteem, zoals vloerverwarming, kan het totale energieverbruik in huis verlagen.
Werk stap voor stap: meten, de grootste verbruikers aanpakken, stand-by uitschakelen en instellingen aanpassen. Meet daarna opnieuw. Zo zie je welke maatregelen echt effect hebben. Let ook op veilig gebruik: blokkeer geen ventilatieopeningen en sluit zware apparaten alleen aan op geschikte stekkerdozen.











